Nergens bijhoren
...is dat een probleem, of alleen een gevoel?
Al mijn hele leven speelt het bij vlagen op: het gevoel nergens echt bij te horen. Op de basisschool had ik dat al. Er waren van die vriendinnengroepjes die hechter waren dan secondelijm. Zo nu en dan deed ik een poging om aan te sluiten bij zo’n clubje, maar het lukte nooit echt. En dat lag niet alleen aan hen: ik kon zelf ook nooit helemaal aarden in een groep. Bleef toch altijd het gevoel hebben dat ik net iets anders was, dat ik niet dezelfde overgave aan de club voelde als de rest. Dat intense constante samenzijn van hartsvriendinnen vond ik veel te heftig. Voor eventjes was het leuk, maar al snel ging het vervelen, en ging ik weer de hort op. Ik heb daarom nooit een vriendengroep gehad, ook niet tijdens mijn studietijd, maar heb altijd een paar heel goede 1-op-1 vrienden gehad. En soms hebben die dan weer een vriendengroep waar ik zo nu en dan voor de gezelligheid bij aansluit.
Tijdens mijn studie was het niet echt anders. Ik had echt wel vrienden, maar zat niet bij een vereniging en had geen stamkroeg. Bovendien was mijn studie (Nederlands) superklein, en werd die vooral bevolkt door gereformeerde meisjes uit de bible belt, waar ik - zeker in die fase van mijn leven - helemaal niks mee had. Ik was niet echt mild naar anderen, zullen we maar zeggen. Naar mezelf ook niet trouwens, maar dat was niet hun probleem. Ik herinner me nog goed dat ik samen met een goede vriendin een afstudeerborrel organiseerde na onze bachelor. Voor mij kwam een handjevol goede vrienden, voor haar kwamen hele drommen mensen van haar studievereniging. Het zijn dat soort momenten dat ik me plotseling afvroeg: waarom hoor ik niet bij zo’n groep? Waarom heb ik dat niet?
Ik ben nooit eenzaam geweest, integendeel: mijn vrienden zijn goud waard, en de trouwste mensen die je je kunt wensen. Ik ken sommigen al sinds de kleuterschool, we gaan door dik en dun. Toch blijft dat groepsgevoel af en toe opspelen. Zo ook nu. Tijdens de Boekenweek zijn er tal van events waar ik kom, en steeds weer merk ik dat ik geen groep heb. De literaire wereld wordt bevolkt (vooral als we sociale media moeten geloven) met groepjes schrijvers die dag en nacht in elkaars huiskamer wijn zitten te drinken, die altijd gezamenlijk aanwezig zijn op elk evenement, op elk feestje en op elke boekpresentatie. Die samen op schrijfretraite gaan in Spanje, samen op het Boekenbal door de schouwburg struinen, elkaars hand vasthoudend om elkaar niet kwijt te raken. Ik kén al deze collega’s, ze omhelzen me steevast enthousiast en zijn heel aardig tegen mij (het zijn ook gewoon heel leuke mensen), maar ik hoor er niet bij. Ik ben nooit deel van zo’n groepje.
En hetzelfde in de muziekindustrie. Ik ken inmiddels zo ontzettend veel mensen en kan met vrijwel iedereen overweg (een aantal sujetten dat ik heb beledigd door te vragen naar het gebrek aan vrouwen op hun podium daargelaten). Maar op sociale media zie ik groepjes collega-artiesten die elkaar aanmoedigen, bij elkaars concerten vooraan staan, op elk feestje aan dezelfde tafel zitten, en daardoor ook meteen een air van belangrijkheid hebben. En ikzelf zit in de categorie die daar nét niet bijhoort. Zeker, ik doe veel samenwerkingen, en word ook altijd vriendelijk begroet, maar ik ben nooit incrowd. Ik ben nooit deel van zo’n gezelschap dat aan al elkaars tracks meewerkt, eindeloos gastoptredens tijdens elkaars clubshows doet, figureert in elkaars clips. 90% van de tijd maakt me dat niet uit, want ik heb fijne mensen om me heen, maar 10% van de tijd maak ik me er enorm druk over, en vraag ik me af waarom ik nooit gevraagd word.
Dit komt natuurlijk allemaal voort uit een sluimerende onzekerheid, die inmiddels veel (VEEL) minder heftig is dan toen ik nog op school zat, maar die toch een factor blijft in mijn leven, die tegenwoordig vooral professioneel is. Privé heb ik de fijnste mensen die er zijn om me heen: man en kind, familie, goede vrienden: ik ben echt gezegend met een veilige, inspirerende en warme bubbel. Maar wat betreft werk blijf ik regelmatig piekeren: hoe tof zou het zijn als ik bij dat groepje hoorde? Dan zou ik pas écht succes uitstralen. Dan zou ik me écht geaccepteerd en gevierd voelen als maker. Hoe mooi zou het zijn als ik mezelf anders kon zien: als de onafhankelijke maker die geen hechte vriendengroep van collega’s nodig heeft om zich geaccepteerd en gedragen te voelen als maker.
Wat dat betreft is deze Boekenweek wel echt the perfect storm: allemaal evenementen met veel schrijvers die in clubjes voorbijtrekken (Boekenbal, Dag van de Literatuur, iedereens insta-stories), en ik ben als maker ook lekker op m’n kwetsbaarst en meest emo omdat mijn nieuwe album net uit is en ik nagelbijtend zit te wachten wat mijn nieuwe muziek gaat doen (of niet). Dus ik accepteer ook dat deze week/weken gewoon even extra spannend zijn, en veel gepieker opleveren. Het hoort ook gewoon bij mijn werk, en bij wie ik ben.
En ondertussen probeer ik mezelf te herinneren aan een heel simpele waarheid: ik ben helemaal niet goed in groepjes. Dus waar maak ik me druk om?
(ps. luister mijn nieuwe album, en als je hem waardeert: vertel anderen erover, online of in real life! Daarmee help je me 1000%!)


En feest van herkenning, en dat vind ik echt. Ik kan namelijk ook heel erg genieten van de onafhankelijkheid en autonomie die het zijn van een einzelgänger met zich meebrengt 🫶
Same here, ik heb ook alleen losse vrienden. Soms keek ik wel eens jaloers naar anderen met hechte vriendengroepen.
Dan hoorde ik hun agenda en bedacht ik me dat ik met zoveel sociale activiteiten never nooit meer tijd zou hebben voor een goede film, serie, boek of game.
Ik heb een vriend die veel vriendengroepen heeft, hier verplichtingen tegenover voelt, en daardoor niet meer aan zelfontplooiing toekomt. Want zijn weekend zit altijd vol. En hem zit het juist dwars dat hij nooit toekomt aan dat goede boek, of die game maar niet uitspeelt.
Vriendengroepen zijn een tijdrovende hobby op zich. Een hobby waar ik geen prioriteit aan wil stellen, want ik haal er niet genoeg positieve energie uit.
Dus vind ik het prima zo.