Een podcast uitbrengen
...gaat bijna té makkelijk.
Ja, dat wil zeggen: een podcast máken, dat is one hell of a job. Tenminste, als je zoals bram en ik een documentaireserie wil maken waarvoor je tientallen mensen wil interviewen, uren aan archiefmateriaal wil sorteren, en de scripts en muziek allemaal zelf wil doen. Zelf doen is fantastisch, maar ook teringveel werk. En als na een jaar werk de podcast dan eindelijk uitkomt, dan is dat… underwhelming. Als in: er is geen vuurwerk en champagne, geen spannende toestanden, het ding verschijnt gewoon om 05:00 op een maandagochtend in alle podcastapps en that’s it.
Tuurlijk: ik kan de podcast-ranglijstjes in de gaten houden, maar die zeggen op dit moment nog niet zo veel. Die zijn namelijk verdeeld per platform, en het verschilt per platform nogal wie er wanneer luistert. Wat wel fantastisch is zijn de eerste reacties van luisteraars die binnendruppelen. Ze zijn over het algemeen positief tot laaiend enthousiast - maar als mensen het k•t vinden dan stoppen ze vaak na 10 minuten gewoon met luisteren en laten ze je niks weten. Maar goed, dat mag de pret niet drukken.
Er zijn ook altijd luisteraars die kleine foutjes of ongeregeldheden uit elke aflevering weten te halen. Dat is ook oké, dat getuigt van toewijding. Het irritante is wel dat het bij een podcast niet zo is als bij een boek, waar je bij de volgende druk gewoon de typo’s eruit kunt halen. Een podcast is wat ‘ie is, je gaat niet het hele proces opnieuw doorlopen. Helaas, pindakaas.
Maar goed: we hebben dus een podcast uit! Onze tweede serie voor de KRO-NCRV en NPO-Luister, met als titel: De Afghaanse hand. Tijdens het schrijven van mijn roman 7B kwam ik in contact met een aantal Uruzgan-veteranen. Toen die mij vertelden over hun ervaringen in Afghanistan was ik ontzettend onder de indruk van hun verhalen, en maakte ik een mental note: ooit iets mee doen. En nu was het moment daar. We zijn teruggereisd naar de periode 2006-2010, en hebben tientallen mensen geïnterviewd: veteranen, politici, Afghaanse burgers, tolken, beleidsmakers, mensenrechtenadvocaten… en Arnold Karskens. Vond ik zelf toch wel redelijk bizar, maar als je het over Uruzgan hebt kun je bijna niet om hem heen: hij was er als onafhankelijk journalist en deed verslag, zag ontzettend veel, en dus hebben we hem ondervraagd.
Een ander interview dat me altijd zal bijblijven is dat met Ben Bot (of: Bernard Bot, tegenwoordig). Topdiplomaat sinds de jaren ‘70, en onder Balkenende was hij minister van Buitenlandse Zaken. Een icoon, in mijn bubbel. We mochten langskomen in zijn statige appartement in Wassenaar, dat deed denken aan het huis van de grootouders van Rory uit Gilmore Girls, kregen koffie uit porseleinen kopjes, en Ben Bot vertelde honderduit over zijn ontmoetingen met Henry Kissinger, Erich Honecker, Condoleeza Rice en Hamid Karzai. Die man is echt een soort Forrest Gump van de afgelopen 60 jaar aan diplomatieke geschiedenis, en inmiddels al aardig oud en broos. Zo’n interview waarvan je denkt: die heb ik toch nog maar mooi in the pocket.
En wat ook grappig is, is wanneer je iemand interviewt van wiens podcast je zelf fan bent. Dat gebeurde toen we Mart de Kruif (oud-commandant Landstrijdkrachten en hoogste Nederlandse militair in Afghanistan), die zelf podcasts maakt over militaire analyse en historie, en ja: ik ben zo’n nerd die dat luistert. Toen we begonnen over Uruzgan, was zijn naam een van de eerste die ik noteerde als interessant, en hij zei direct ja. We interviewden hem in zijn huis in de Achterhoek, waar zijn kleinzoon, die bij hem logeerde, af en toe de keuken door kwam banjeren omdat hij honger had, en een lift naar het station nodig had.
De allergrootste indruk maakten de verhalen van de veteranen die in Uruzgan hebben gediend. Ze wisten me allemaal aan het huilen te krijgen. Ik ga daar niet te veel over zeggen, ik laat ze liever zelf aan het woord in de podcast.
Maar goed: na al die interviews komen de volgende stadia in het maakproces: transcriberen (aaargh wat een HEL), archiefonderzoek, scripts schrijven, redactierondes, voice-overs opnemen, muziek produceren, en dan alles nog tien keer doorluisteren om de montage en eindmix goed te krijgen. Zo’n serie is al met al ongeveer een half jaar fulltime werk, alles bij elkaar, met z’n tweeën. Echt bizar. Soms denk ik: ik kan beter gewoon zes klets-podcasts gaan maken, dat gaat veel sneller en dan kan ik er ook nog sponsordeals in kwijt. Maar truth be told: het is fantastisch dat we de tijd en ruimte krijgen bij de publieke omroep om zo’n werkintensieve audiodocumentaire te maken. Het is iets waar ik enorm trots op ben, en waarvan ik hoop dat veel mensen gaan luisteren.
En mocht je gaan luisteren: laat me vooral weten wat je ervan vond, want daar leer ik ontzettend veel van!
De Afghaanse hand is nu overal te beluisteren. Wil je meteen alle afleveringen bingen? Download dan de NPO Luister-app, gratis en voor niksss, daar staan ze allemaal in!

Bezig met de laatste aflevering maar erg onder de indruk van het verhaal en jullie uitzoekwerk! Hopelijk komen er nog meer van dit soort mooie documentairepodcasts van jullie hand!
Wat een ontzettend goede, diepgravende podcast weer, net als Monsters in het bos! Het was echt super interessant om met jullie terug de tijd in te reizen.